vrijdag 11 september 2009

onze definitie van Het Nieuwe Werken

18 november is er een congres over het nieuwe werken (georganiseerd door Kluwer) waar e-office sponsor is. Er spreken in iedergeval drie mensen van e-office op het congres (Pim, Bas en ikzelf). Het is dan van belang om dezelfde uitleg te kunnen geven aan het begrip 'het nieuwe werken'. Het is een lastig begrip omdat het vele facetten heeft.
Om die reden heb ik gisteravond een stukje geschreven waar ik uitleg heb proberen te geven aan wat "Het Nieuwe Werken" voor ons is. Uiteraard gaan we hier binnenkort nog eens goed voor zitten om het aan te scherpen.


'Het nieuwe werken', een term die vooral door Microsoft in de wereld is gebracht en is opgepakt door een aantal bedrijven in Nederland. Maar vooral ook door veel consultants. Maar wat is het nou eigenlijk, 'het nieuwe werken'. Als het echt zo belangrijk is, waarom dringt het dan zo langzaam door in de top van het bedrijfsleven? In ieder geval kunnen we nu al concluderen dat het niet is uitgevonden door het management. Het komt dus ergens anders vandaan.

Je zou kunnen zeggen dat het is ontstaan op straat. Buiten de muren van organisaties. Het is ontstaan in de samenleving. Een samenleving die tot voor vijftien jaar niet in staat was om zich snel te organiseren en kennis te delen. Door de opkomst van met name technologie (social media) kon eindelijk een lang gekoesterde wens van de mensheid worden ingevuld. Mensen over heel de wereld konden elkaar ineens vinden en gedachten met elkaar delen, beelden, filmpjes en teksten met elkaar delen. Ze gingen zichzelf ook nog eens (tijdelijk) organiseren om iets voor elkaar te krijgen, een protest, samen inkopen, samen ergens afspreken. Het zijn vaak mensen die elkaar niet kennen, maar wel eenzelfde passie hebben, eenzelfde woede, of visie. Het kan ook zijn dat via deze media mensen elkaar vinden om spullen aan elkaar te verkopen.


De basis van deze ontwikkeling is dat mensen zonder obstakels met elkaar kunnen communiceren en samenwerken. Altijd en overal. Omdat je hierdoor jezelf ook kunt ontworstelen aan de uniformiteit die zo kenmerkend was voor de 20ste eeuw, worden veel mensen steeds authentieker. Is ook gemakkelijker geworden omdat je wereld groter is geworden en je kunt zien dat je misschien niet ze gek bent als je voorheen dacht. Omdat mensen steeds meer zichzelf worden, zoeken mensen ook steeds meer spullen en diensten die passen bij hun eigen persoonlijkheid. Dat betekent dat de vragen aan organisaties ook steeds diverser worden, stteds minder standaard. Logisch, omdat de wereld steeds complexer aan het worden is. Een typisch kenmerk van de 21ste eeuw trouwens. De voorspelbaarheid en zucht naar uniformiteit die we kennen van de 20ste eeuw is definitief voorbij.


Het feit dat de wereld steeds diverser, transparanter, sneller en complexer is geworden heeft een aantal gevolgen voor organisaties. Het eerste probleem dat zich voordoet is dat de medewerkers van organisaties buiten deuren van de organisaties ineens consumenten zijn. En deze consumenten zijn gewend zijn geraakt aan het vrij kunnen gebruiken van informatie en kennis, het tijd en plaatsonafhankelijk kunnen surfen, communiceren en samenwerken met mensen over heel de wereld. Deze consumenten lopen op maandag hun bedrijf weer binnen met een nieuwe mindset. "ik wil bij alle informatie en kennis kunnen en ik wil overal kunnen werken". Dat heeft tot gevolg dat er binnen bedrijven steeds vaker wordt gesproken over thuiswerken, flexplekken, wiki's, chatten, collaboration, mobile, 360 graden beoordeling, authenticiteit, noem maar op. Daar gaat het dus fout, want bedrijven die ontstaan zijn in de 20ste eeuw zijn niet gebouwd om 21ste eeuw ontwikkelingen te integreren. Organisatievormen uit de 20ste eeuw kunnen per definitie deze nieuwe ontwikkelingen niet aan.


Een ander fenomeen dat zich voordoet is dat de huidige bedrijven terecht zijn gekomen in een zeer turbulente wereld. Een onvoorspelbare wereld waar deze organisaties nooit voor zijn ontworpen. Bedrijven zijn gewend om voorspelbaar te zijn, hoge kwaliteit te leveren, risico's weg te managen, te modelleren, niet snel te veranderen. Nu blijkt ook ineens dat de ervaring en kennis van de zittende bestuurders niet meer werkt in deze complexe wereld. Alleen kosten terugbrengen is niet het antwoord op deze situatie. Een reorganisatie gaat ook niet meer helpen.


Deze twee ontwikkelingen, de roep om verandering van binnenuit en het gebrek aan aanpassingsvermogen, brengt de term 'het nieuwe werken' vaak naar boven. Het nieuwe werken is in onze ogen dus echt een containerbegrip waar vooral de overgang van de 20ste naar de 21ste eeuw mee wordt bedoeld.


Sinds 1991 zijn wij opzoek naar nieuwe organisatievormen en hebben een aantal interessante ontdekkingen gedaan die kunnen bijdragen aan het opnieuw uitvinden van organisaties. Misschien is een van de belangrijkste ontdekkingen wel dat we op een andere manier naar organisaties moeten leren kijken. Een organisatie bestaat uit twee delen: een BLUE- en YELLOW deel. Het BLUE deel is keihard nodig en staat voor de 20ste eeuw. In BLUE regeert het proces, en alles wat daarmee te maken heeft. Controle, management, procedures, pensioen, risico verkleinen, foutloos, targets, allemaal gericht op voorspelbaarheid tegen lage kosten. Dit deel kennen we goed uit de vorige eeuw.


Het inzicht wat wij hebben opgedaan is dat er ook een YELLOW deel is in iedere organisatie. Alleen zien de meeste bedrijven dat nog niet. Het gaat om dat deel van de organisatie waar unieke problemen worden opgelost. problemen die niet via het proces oplosbaar zijn. De oplossing van deze problemen zijn niet bekend maar zit opgesloten in het 'organisatiebrein'. Om dat organisatiebrein maximaal te stimuleren is een ander regiem nodig dan in het BLUE-deel van de organisatie. Om het organisatiebrein maximaal te aktiveren is vertrouwen belangrijk, humansoftware, leiderschap, faciliteren, groeien, intrinieke motivatie naar buiten gericht zijn. Het YELLOW-deel van de organisatie lijkt sterkt op de manier waarop mensen in de moderne samenleving met behulp van social media kennis delen en samenwerken. Op dit moment lopen BLUE en YELLOW bij de meeste bedrijven door elkaar heen en brengen een hoop spanning en frustratie met zich mee.


Voor ons moet alle dienstverlening rondom 'het nieuwe werken' ervoor zorgen dat organisaties weer een afspiegeling worden van de maatschappij. Geen gemakkelijke klus, omdat bijna alle organisaties nog steeds op een 20ste eeuw-manier worden bestuurd. Het gaat dus vooral over leiderschap, dat zal duidelijk zijn. Wanneer wij praten over de organisatievorm van de 21ste eeuw dan praten wij over 'de adaptieve organisatie'.

Met een adaptieve organisatie hebben we een antwoord gevonden om mensen een werkomgeving te bieden die past bij deze tijd, het bedrijf het aanpassingsvermogen te geven waar de klant om vraagt en een mindset die duurzaamheid sterk zal bevorderen.

donderdag 10 september 2009

binnen 10 jaar: game over?

Gisteren mocht ik een workshop verzorgen over de adaptieve organisatie en duurzaamheid. Een van de deelnemers was Kees Buijsrogge van TNO. Toen de discussie ging over de definitie van duurzaamheid gaf Kees aan dat schaarste ook in de definitie opgenomen moest worden.

Binnenkort zullen er namelijk geen mobiele telefoons, zonnecellen, windmolens meer gemaakt kunnen worden omdat bepaalde grondstoffen niet meer te delven zijn. Gewoon op! Of zo duur om te ontginnen dat het een kansloze situatie is geworden. Denk hierbij aan maximaal nog 10 jaar!

Ik heb van Kees het rapport "Metal minerals scarcity: A call for managed austerity and the elements of hope" van Dr. A.M. Diederen, MSc. TNO Defence, Security and Safety, toegestuurd gekregen en schrik me echt te pletter. Hieronder een stukje uit het rapport:

"Without timely implementation of mitigation strategies, the world will soon run out of all kinds of affordable mass products and services. A few examples are given here. First, a striking example are cheap mass-produced consumer electronics like mobile phones, flat screen TVs and personal computers for lack of various scarce metals (amongst others indium and tantalum). Also, large-scale conversion towards more sustainable forms of energy production, energy conversion and energy storage would be slowed down by a lack of sufficient platinum-group metals, rare-earth metals and scarce metals like gallium. This includes large-scale application of high-efficiency solar cells and fuel cells and large-scale electrification of land-based transport. Further, a host of mass-produced products will suffer from much lower production speeds (or much increased tooling wear) during manufacturing owing to a lack of the desired metal elements (a.o. tungsten and molybdenum) for tool steels or ceramics (tungsten carbide). Among the affected mass-produced machined products are various household appliances and all types of motorized transport (cars, trains, ships and aero structures). The lack of various metal elements (a.o. nickel, cobalt, copper) for high- performance steels and electromagnetic applications will affect all sectors which apply high- performance rotating equipment. Besides transportation this includes essential sectors like electric energy generation (coal/oil/gas-based and nuclear power plants, hydropower, wind power). Also the vast areas of construction work in general (housing, infrastructure) and chemical process industries will be affected. The most striking (and perhaps ironic) consequence of a shortage of metal elements is its disastrous effect on global mining and primary production of fossil fuels and minerals: these activities require huge amounts of main and ancillary equipment and consumables (e.g. barium for barite based drilling mud).nd innovative substitution may lead to sustainable options."

Het is een openbaar rapport maar krijgt tot nu toe weinig aandacht in de samenleving. We zijn allemaal erg gericht op CO2 en klimaatveranderingen. Intussen verbruiken we in hoog tempo grondstoffen die we nodig hebben om onze levensstandaard duurzaam voort te zetten. Over 10 jaar krijgen we de eerste echt grote problemen. China heeft intussen het alleenrecht op een aantal van deze grondstoffen geclaimd zodat er van marktwerking al helemaal geen sprake meer is.

Het gaat een spannende tijd worden. Hebben we nog wel energie, maar zijn alle grondstoffen op. Kunnen we er niet meer bij omdat we niet meer naar olie kunnen boren. We zijn goed bezig met zn allen.

woensdag 9 september 2009

ondernemer 2.0

Gisteravond een informeel etentje met zes ondernemers gehad. Al snel ging het gesprek over de recessie en wat het nou allemaal betekent voor je. We wilden geen mooi weer verhalen, maar al snel tot de kern komen. Met de billen bloot, 'waar maak je je zorgen over'. In grote lijn kwam het er op neer dat de meesten zich zorgen maakten over of hun klanten de rekeningen nog wel kunnen betalen. En hoe lang je door moet gaan met klanten die het moeilijk hebben.

Verder viel erg op dat met name de ondernemers met eigen panden veel problemen hebben met onderhuurders. Het komt steeds vaker voor dat ze de huur niet meer kunnen betalen of hun huurcontract opzeggen omdat ze voor niets in een ander pand kunnen zitten. Wanneer je als ondernemer dan ook nog eens je pensioen in aandelen hebt gestopt, je bedrijf wat minder loopt en je geen huurinkomsten meer hebt ontstaan er toch wel slapeloze nachten.

De ondernemers stonden wel bijna allemaal in de stand om radicale beslissingen te nemen. Zakelijk maar ook prive. Weg met bezit, geen sores meer aan je hoofd, meer tijd besteden aan echt belangrijke zaken zoals samen met je dierbaren mooie momenten meemaken. Geen idealen van anderen meer nastreven, duurzamer leven en duurzamer ondernemen, een slag maken.

Uiteraard kwam ook het onderwerp bank even ter tafel. Niet een ondernemer kon een positief voorbeeld noemen van een meewerkende bank in het afgelopen jaar. Het algehele beeld was dat de banken het midden en kleinbedrijf op dit moment echt in de kou laten staan. Ook wanneer je tot vorig jaar een topklant was. Ze willen niets meer aan je lenen. Zo nu en dan willen ze een uitzondering maken maar dan betaal je een toprente en moet je alles wat je hebt als zekerheid inbrengen. Dus je bedrijf, je huis, je bankrekening, je auto, ook van je partner, alles.

Wat ik gisteravond zag was veel zelfreflectie. Wat ben ik aan het doen, wil ik dit wel, waarom meer, kan het ook anders, wil ik dit zelf of jaag ik een droom van iemand anders na. Dat soort vragen kwamen over tafel. Was wel bijzonder om mee te maken. Dus wat mij betreft brengt de recessie ook veel goede dingen. Er is op dit moment duidelijk een gevoel van urgentie bij ondernemers.

Dit is dus het moment om een radicale verandering in te zetten, of een bifurcatie zoals Elvin Laszlo het noemt.

dinsdag 8 september 2009

geld maakt lui

Is het je wel eens opgevallen dat bedrijven met veel geld vaak om de problemen heen lopen? Zelf hebben we ook een periode gekend waar we heel gemakkelijk geld konden verdienen. Eind vorige eeuw, dus alweer een tijdje terug. Wat je dan achteraf opvalt is dat er dan een gedrag ontstaat waar je nooit echte keuzes maakt. Het zijn altijd compromissen. Iedereen een beetje gelijk en de rest kopen we af.

Dat geldt natuurlijk voor bedrijven, maar ook voor mensen en de samenleving. Wat je veel ziet is dat wanneer mensen ineens veel geld krijgen, ze als een ballon leeglopen. Alle energie is eruit. Er wordt alleen nog geconsumeerd en geborreld. Deze mensen worden lui en zijn tevreden met zichzelf. Denken ze op dat moment. Na een paar jaar worden de meesten namelijk ongelukkig en denken met weemoed terug aan de tijd dat ze nog ergens voor gingen. Toen ze nog spirit hadden.

Bij samenlevingen zie je hetzelfde. Rijke samenlevingen of economieen zoals Nederland zijn lui geworden. Komen niet meer van hun plek en discussieren over alles. Het poldermodel is denk ik het symbool van een verwende samenleving. Er worden geen echte beslissingen meer genomen. Tijd is niet belangrijk meer, we kunnen heel lang doen over het nemen van een beslissing.

Wat er gebeurt met verwende organisaties, mensen of samenlevingen is dat ze naar binnengericht zijn. Niet meer naar buiten willen kijken, eigenlijk wel heel tevreden zijn over zichzelf. Ik zie dan zo'n dik mannetje van acht jaar bovenop een berg speelgoed zitten met een ontevreden gezicht.

Het grote gevaar van dit gedrag is dat je een 'sitting duck' bent geworden. Het voelt niet goed, maar erger nog je past je ook niet meer aan de veranderende omstandigheden aan. De snelheid is eruit, dus de concurrentie loopt je zo voorbij. Juist mensen, organisaties en landen met honger zijn eager, willen winnen, zijn naar buiten gericht. India, China, Polen, noem maar op..die landen willen vooruit. De mensen daar willen beter worden, willen leren, willen winnen.

Ik denk dat er in nederlnd heel snel een gevoel van Urgentie moet komen dat we een lui land zijn geworden. Dat we heel erg met onze eigen probleempjes bezig zijn. Terwijl we juist nu ons moeten richten op de mogelijkheden die ons land met haar inwoners heeft in de wereld. We hebben alles om succesvol te zijn, behalve het juiste gedrag.

Het lijkt op een dikke 50'er op een hele dure racefiets. Dat ziet er niet uit en gaat ook niets worden. Tenzij de dikke 50'er echt de keuze maakt om wielrenner te worden. Dan is de spirit terug.

zondag 6 september 2009

het 'oude pensioen' sloopt onze samenleving

Alle discussies over het verhogen van de AOW-leeftijd is zo 20ste-eeuw denken. Wat het voor mij aangeeft is dat je tot je 65ste jaar hebt gewerkt, zonder dat je daar plezier aan beleeft. Dat je pas plezier kunt gaan hebben in het leven nadat je bent gepensioneerd. Dat is toch verschrikkelijk.

Heel je leven werken om misschien later te kunnen genieten. Heel je leven werken en sparen om later leuke dingen te doen. Tot je 65ste jaar ook in een baan zitten waar je niet helemaal achter staat. Vind je het gek dat er vakbonden zijn. Wanneer mensen een baan hebben waar ze niet gelukkig van worden dan zullen ze zich zeker afzetten tegen hun werkgever. Hij is in hun ogen de aanstichter van het kwaad. Dus gaan mensen zich organiseren, en hop...daar zijn de vakbonden.

Waarom doen mensen dit toch. Waarom kunnen mensen niet kiezen voor een baan die ze wel leuk vinden. Natuurlijk begrijp ik dat het ook te maken heeft met opleiding en afkomst, en ook is er vast nog iets van geluk. Alleen denk ik dat er iets fundamenteel mis is in ons denken wanneer we zo hunkeren naar ons pensioen. Zo van: en nu is het mijn tijd. In de 20ste eeuw had je te maken met veel fysiek werk, en dat hou je natuurlijk niet vol tot je 80ste. Maar nu, in de 21ste eeuw bestaat bijna al ons werk uit denkwerk. Dat kan je oneindig volhouden.

Wat is er mis mee om door te werken tot aan je dood. Niet omdat het moet maar omdat je er energie van krijgt, omdat je dan nog steeds nodig bent, omdat je nog steeds onderdeel van de maatschappij bent. Waarom tot je 65ste doorwerken en sparen om daarna te genieten. Terwijl je dan fysiek minder sterk bent en je nog maar moet afwachten of je het gaat halen. Waarom die zucht naar zekerheid, terwijl er niemand is die kan garanderen dat je 65 zult worden.

De pensioenleeftijd bereiken betekent dat je uit de maatschappij stapt, niet meer nodig bent. Je bent zelfs een kostenpost geworden voor de samenleving. Werkende mensen moeten jouw pensioen bijelkaar verdienen. Het kost ons miljarden. De pensioenleeftijd zorgt voor een splitsing in de samenleving van jong en oud, van werkenden en bejaarden. Het pensioen zorgt ervoor dat er bejaardenhuizen zijn met mensen die toch niets meer bijdragen. Pensioen zorgt ervoor dat mensen sneller oud worden omdat ze geisoleerd raken.

Wat mij betreft staat de 21ste eeuw voor het kiezen van een levensstijl waarbij je ook werk hebt dat bij je past. Een leven waar je energie van krijgt. Werk waar je, uiteraard afgestemd op je fysieke mogelijkheden, mee door wilt gaan tot aan je dood. Omdat je het leuk vindt. Nooit meer een scheiding tussen je werkende leven en daarna. Nooit meer pensioen. De meeste mensen willen groeien, niet financieel maar als mens. Dat betekent dat je nieuwsgierig bent, wilt leren, wilt delen, tot je erbij neervalt.

Mensen zullen zeggen dat het onverantwoord is om niet goed voor je ouwe dag te zorgen. Wat je dan eigenlijk zegt, is dat je op je ouwe dag niets meer doet. Daar heb ik dus geen zin in. Ik wil nog steeds een bijdrage kunnen leveren aan de samenleving, ook als ik oud mag worden.

Neem ik daar grote risico's mee? Ik denk van niet. De verwachting hebben te kunnen genieten na je 65ste, dat noem ik pas een groot risico nemen.

(advies voor de discussie over de AOW-leeftijd: maak onderscheid tussen mensen die zwaar fysiek of ongeschoold werk hebben en kenniswerkers. Mensen die door welk reden dan ook niet meer willen of kunnen groeien zullen we financieel moeten ondersteunen. Maar mensen die juist wel willen bijdragen en groeien als mens moeten we zo lang mogelijk in onze economie opnemen. Dus scheer niet iedereen over een kam. Vakbonden zijn ontstaat in het industriele tijdperk, de 21ste eeuw is zo anders. De 21ste eeuw staat voor diversiteit, niet voor gelijkheid. Mensen zijn verschillend en we zullen ze ook zo moeten behandelen. Dus ook als het om pensioen gaat.)

donderdag 3 september 2009

hij doet het


Toch wel trots momentje. De website voor work21 staat sinds vandaag aan. De basis is er, nu aantrekkelijk houden en veel interessante informatie verzamelen. Voor wie gaat kijken....veel plezier.

Stefan, Gijs, Gonny, bedankt!

wie begrijpt dit nog

In het FD van vandaag staat het volgende geschreven: "De overheid moet stappen ondernemen om te voorkomen dat er in de toekomst een overschot ontstaat aan windenergie dat stroomprijzen ondermijnt, stelt de Energieraad."

Nu zijn we al zover dat er straks zoveel groene energie op de markt komt dat daardoor de energiemaatschappijen in de problemen gaan komen. De prijzen komen dan teveel onder druk te staan. Waar zijn we nou mee bezig?

Ik begrijp dat het heel vervelend is wanneer de energiemaatschappijen zich moeten aanpassen aan veranderende omstandigheden. Maar om dan maar de prijzen kunstmatig hoog te houden lijkt me wat ver gaan. Alleen om de lamp te laten branden bij die organisaties?

Wat dus kan gebeuren is dat we de aanwas van groene energie gaan temperen omdat we nog oude energie-organisaties hebben. Wat is nou belangrijker, de oude industrie in de lucht houden of een gezondere planeet.

Kan iemand mij dit uitleggen?

duurzaam ondernemen

Vandaag had ik een gesprek met de directeur van een organisatie met zo'n 800 medewerkers. Een zeer vooruitstrevende organisatie met een bevlogen leider. Op een gegeven moment hadden we het over duurzaamheid. En hoe kan je nou duurzaam ondernemen.

Er zijn natuurlijk een aantal zeer voor de hand liggende zaken die je direct kunt oppakken zoals overstappen op groene stroom of je autopark aanpakken. Ook kan je nog wat zaken doen aan je gebouw en het gebruik van papier terugdringen. Maar dan wordt het toch wel een beetje stil.

Wat hij heeft gedaan is een 0-meting uitvoeren om de huidige carbon footprint te bepalen. Als je die weet kan je jezelf een doel stellen om over een aantal jaren bijvoorbeeld 30 procent lager te zitten. Dat is mooi, omdat het alleen tussen de oren gaat zitten wanneer je er regelmatig mee wordt geconfronteerd.

Wat ik bij mijzelf merk is dat het allemaal nog een beetje dun aanvoelt. Bij mijzelf bedoel ik dan. Ja, ik wil graag duurzaam ondernemen, ja we willen daar een voorbeeld in worden...maar.. Het zijn van die voor de hand liggende dingen. Volgens mij ligt er ergens een veel grotere vis om duurzamer te worden. Alleen voel ik dat ik met de manier van denken die ik nu hanteer de oplossing niet ga vinden.

Misschien moest ik maar eens een wijntje nemen.

de organisatie afmeren

Iedereen die zeilt weet direct wat ik bedoel. "maak gebruik van de krachten die er zijn, probeer er niet tegen te vechten". Wanneer je met een zeilboot aan het manouvreren bent, moet je heel erg op de wind letten, stroming, het roereffect, je snelheid, noem maar op.

Wanneer je dat niet doet, is de kans op ongelukken erg groot. Het heeft namelijk geen enkele zin om te denken dat je sterker bent dan de wind of de stroming. Daar kan je niet tegen vechten. Je moet het zelfs omdraaien. Probeer een strategie te bedenken waarbij je maximaal gebruik kunt maken van deze krachten.

Dat kan natuurlijk betekenen dat je ineens vanuit een andere kant moet aanvaren, of achteruit, of juist heel hard of zacht. Maar het belangrijkste leerpunt is dat je nooit tegen deze krachten vecht, maar ze juist gebruikt.

Eigenlijk zie ik dit gedrag binnen organisatieveranderingen bijna nooit. Daar maken we niet echt goed gebruik van de krachten die er zijn. Waarschijnlijk ook omdat we ze niet echt kennen. Maar ook negatieve krachten zijn krachten. En als je die zo kan positioneren dat ze het geheel gaan helpen, dan zijn we er.

Maar om te begrijpen waar de krachten zitten moeten we heel goed met elkaar kunnen communiceren. Organisatieveranderingen zouden heel eenvoudig zijn wanneer je met iedereen een 1:1 kan hebben. Maar door de schaal is dat vaak niet mogelijk. Mensen worden overvallen door veranderingen en zetten hun kracht in. Vaak net de andere kant op omdat ze zich niet gehoord en begrepen voelen.

Mijn voorstel is om voordat je een verandering inzet je eerst goed moet begrijpen welke krachten er zijn en welke kant ze opwijzen. Kies daarna een strategie om maximaal gebruik te maken van de aanwezige energie. Probeer zo min mogelijk kracht te gebruiken voor de verandering. (boegschroef).

Wat mij betreft is voor het veranderen van een organisatie, de analogie met het afmeren van een zeiljacht sluitend.

(Maar hang voor de zekerheid nog wel een klein stootwilletje buitenboord).

woensdag 2 september 2009

extra slag maken

We hebben de afgelopen paar weken een stijging gezien van de beurskoers, maar de lijn naar beneden is weer ingezet. In Duitsland is het geld op voor sloopauto's, in Nederland zijn er weer minder auto's verkocht. De bouwsector gaat het nu pas heel zwaar krijgen.

Het zou zomaar kunnen zijn dat we een tijdelijk opleving hebben gehad doordat de overheid heel veel geld in onze economie heeft gestopt. En dat raakt nu op. Verder is er erg weinig structureels veranderd. Dus kan je dan verwachten dat alles weer goed zal komen.

Ik denk het niet. We zullen onze mindset over onze samenleving moeten aanpassen. We kunnen nooit meer per persoon zoveel kopen zoals we hebben gedaan. Dus we gaan ook nooit meer zoveel produceren zoals we hebben gedaan. Dan maken we dus ook minder omzet en minder winst met zn allen.

Om je een beetje gelukkig te voelen zal je je eigen geluk niet meer moeten laten afhangen van geld of spullen. Maar van zaken die veel belangrijker zijn dan dat. Alleen zijn we daar blijkbaar nog niet aan toe, en houden we vast aan het oude. Hoe meer geld hoe gelukkiger...zoiets.

En als we het dan toch allemaal wat anders moeten doen, en dat moeten we, laten we dan gelijk eens goed nadenken over hoe we het doen. En wat ons handelen voor effect heeft op onze samenleving en ons milieu.

Misschien kan je wel gelukkig worden door een beetje te zorgen voor je omgeving. Dat zou toch wat zijn zeg.